+49-173-3991976 info@grandtoursociety.de

      Dreigt er weer een jaarlijkse TÜV-marathon?

      Oldtimerfans konden eind 2025 voor het eerst opgelucht ademhalen: de Europese Commissie had voorgesteld om alle auto's ouder dan tien jaar voortaan elk jaar aan een algemene keuring (HU) te onderwerpen – dus twee keer zo vaak als tot nu toe. Dat zou praktisch elke klassieke auto hebben getroffen, want onze geliefde oldtimers zijn allemaal „ouder dan 30“ en dus ver boven de tienjarige grens. Het idee zorgde voor nervositeit in menig garage: moeten we onze glimmende schatjes nu elk jaar aan de TÜV-keurmeester laten zien? Wordt het plezier van het oldtimerseizoen verpest door extra stress vanwege afspraken?

      Voorlopig kunnen we het sein veilig geven. In december 2025 hebben de EU-ministers van Verkeer Nee over dit voorstel gezegd. Hun belangrijkste argument: onevenredige lasten voor autobezitters – zowel financieel als qua tijd. Voor liefhebbers van oldtimers betekent dit dat de gevreesde jaarlijkse TÜV-marathon voorlopig van de baan is. Maar we kunnen nog niet helemaal opgelucht ademhalen: de discussie in Brussel is namelijk nog gaande. Het Europees Parlement debatteert verder en uiteindelijk moeten de Commissie, het Parlement en de lidstaten een compromis vinden. Het is dus raadzaam om de EU-ticker goed in de gaten te houden – maar de oldtimergemeenschap is gewend aan tegenslagen en neemt het met humor.

       

      Wat zeggen oldtimer-verenigingen?

      De oldtimer-verenigingen en -clubs reageerden op het jaarlijkse TÜV-idee ongeveer net zo enthousiast als een carburateur op water in de tank. Kortom: afwijzing over de hele linie. Waarom? Nou, hun argumenten klinken aannemelijk – en worden deels ook op een grappige manier naar voren gebracht:

      • Oldtimers zijn geen snelheidsduivels: klassiekers worden meestal alleen bij mooi weer en bij speciale gelegenheden gebruikt. Een ritje op zondag hier, een bijeenkomst daar – gemiddeld leggen oldtimers amper 1000 tot 2000 kilometer per jaar af, veel minder dan alledaagse auto's. Dat roestig ongevalrisico op wielen, Wat sommige bureaucraten misschien zien als oude voertuigen, blijkt in werkelijkheid een goed onderhouden garageauto te zijn. Veel oldtimers brengen meer tijd door onder een katoenen autohoes dan op de weg. Dan vraag je je af: zijn er echt twee keer zoveel controles nodig voor voertuigen die zo zelden op de weg rijden?

      • Goed onderhouden schatjes: oldtimers zijn meestal liefhebbersvoertuigen. Hun eigenaren zijn er dol op en onderhouden ze dan ook met zorg. Olie verversen, gepolijste chromen bumpers, nauwkeurig afgestelde kleppen – een typische oldtimer wordt beter verzorgd dan sommige nieuwe auto's. Oldtimer-verenigingen benadrukken: de meeste klassiekers zijn in topconditie, omdat niemand een waardevolle klassieker in het dagelijks leven verslijt. Technische gebreken als oorzaak van ongevallen? Vrijwel nooit! Een grote verzekeringsmaatschappij meldde zelfs dat er geen enkel ongeval bekend is door een technisch defect bij oldtimers. Een extra jaarlijkse keuring zou dus nauwelijks extra veiligheid opleveren, maar wel bureaucratie en kosten.

      • Cultureel erfgoed op wielen: onze oldtimers zijn rijdend cultureel erfgoed. Veteranenclubs en verenigingen zoals FIVA (de wereldwijde oldtimervereniging) hebben in Brussel herhaaldelijk benadrukt dat historische voertuigen deel uitmaken van het technisch cultureel erfgoed. Een 50 jaar oude Benz of Kever vertelt geschiedenis – die kun je toch niet zomaar onder algemene verdenking stellen dat hij onveilig is! De verenigingen argumenteren met een knipoog: „Als er al jaarlijkse controles moeten komen, dan misschien voor de EU-denktank zelf – onze auto's hebben hun veiligheid al lang bewezen.“ Kortom: de sector verwerpt categorisch een algemene leeftijdsdiscriminatie voor voertuigen.

      Deze punten zijn zeker van belang. Zelfs grote automobielclubs zoals de ADAC waren het ermee eens: kortere APK-intervallen zijn niet nodig. De gegevens geven de oldtimerfans namelijk gelijk: hun aandeel in ongevallen en emissies is verwaarloosbaar klein in vergelijking met de rest van het wagenpark. Oldtimers zijn dus niet het probleem, maar worden vaak voorbeeldig onderhouden.

      De „H“ staat voor geschiedenis – en hoop

      In het hele debat komt steeds weer één letter terug: H. Het H-kenteken is in Duitsland het officiële historische keurmerk voor voertuigen van 30 jaar en ouder. Het certificeert dat deze auto een oldtimer is in goede, originele staat. Voor eigenaren is het als het ware een ridderorde – en voor autoriteiten het signaal dat hier een cultureel erfgoed op de weg rijdt dat het waard is om te behouden.

      Wat levert het H-kenteken op? Allereerst natuurlijk een zekere trots. Maar ook concrete voordelen: oldtimers met een H-kenteken betalen een vast belastingtarief (ongeveer 191 euro per jaar, of het nu gaat om een dikke V8 of een kleine VW Kever). Dat is vooral goed nieuws voor de eigenaar van een dorstige Amerikaanse cruiser, terwijl zuinige Isetta-rijders liever bij een normaal kenteken blijven – wat verklaart waarom lang niet elke oldtimer een H-kenteken heeft. Bovendien zijn H-voertuigen vaak goedkoper te verzekeren via speciale oldtimer-tarieven. En een groot pluspunt is de vrijstelling van milieuzones: waar moderne diesels zonder groene sticker buiten moeten blijven, mogen oldtimers met een H-kenteken meestal toch binnen. Het is duidelijk: het H-kenteken is meer dan alleen decoratie – het is een beschermend schild voor onze automobiele schatten.

      In het EU-voorstel inzake de keuringsintervallen zijn uitdrukkelijk uitzonderingsregels voor „historische voertuigen“ opgenomen. De EU-richtlijn laat de lidstaten ruimte om zelf te bepalen hoe ze met oldtimers omgaan. Duitsland zou dus naar alle waarschijnlijkheid H-gecertificeerde klassiekers vrijstellen van nieuwe TÜV-verplichtingen, mocht de jaarlijkse keuringsplicht voor alle oudere voertuigen worden ingevoerd. Met andere woorden: ons beproefde H-model geniet ook in Brussel een zeker vertrouwen. Uiteraard moet Duitsland in geval van twijfel de definitie van een „historisch voertuig“ duidelijk vastleggen – de eenvoudigste oplossing zou zijn: alle auto's met een H-kenteken gelden als zodanig. Daardoor zouden echte klassiekers gespaard blijven van extra keuringsverplichtingen.

      Ter geruststelling: tot nu toe zijn er geen plannen om iets aan het H-kenteken zelf te veranderen. De grens van 30 jaar blijft bestaan, evenals de criteria (originele staat, goede staat van onderhoud). Integendeel, de oldtimerscene groeit gestaag. Elk jaar bereiken nieuwe voertuigen de magische oldtimerleeftijd. Bijna een miljoen voertuigen in Duitsland zijn inmiddels ouder dan 30 jaar en meer dan de helft daarvan heeft een H-kenteken. En die trend zet zich voort! Dit toont aan dat de passie voor oude auto's leeft en wordt gestimuleerd door het H-kenteken. Zolang de goede oude parlementaire werkgroep „Automobiles Kulturgut“ (ja, die bestaat echt in de Duitse Bondsdag!) en betrokken Europarlementariërs zoals onze oldtimer-vrienden in Brussel een stem in het kapittel hebben, staat het H-kenteken op een stevige basis.

      Waar gaat de reis naartoe?

      Hoe gaat het nu verder in de regelgevingssaga? Allereerst: in 2026 staat de volgende ronde op EU-niveau op het programma. Het Parlement zal de nieuwe testvoorschriften bespreken, wijzigingen aanbrengen – en waarschijnlijk enkele van de overdreven ideeën temperen. De definitieve beslissing zou pas in 2026 of 2027 kunnen vallen. Mocht er daadwerkelijk een EU-richtlijn voor frequentere voertuigkeuringen worden aangenomen, dan moet Duitsland deze eerst omzetten in nationaal recht. Er is ruimte om uitzonderingen voor oldtimers in te bouwen – en onze wetgevers zullen daar zeker gebruik van maken om het cultureel erfgoed op wielen te beschermen. Het is zelfs denkbaar dat door slim te onderhandelen oldtimers uiteindelijk niet zwaarder worden belast, maar in het beste geval op hetzelfde niveau blijven als nu. Sommige optimisten hopen zelfs dat het debat de politiek eraan zal herinneren dat men voor historische voertuigen eerder aan versoepelingen moet denken – bijvoorbeeld langere intervallen tussen de APK-keuringen, zoals andere landen dat doen. Waarom niet meteen een vijfjarige APK voor oldtimers? Als er al gediscussieerd wordt, dan rustig in die Richting!

      Naast de TÜV-intervallen zijn er nog andere regelgevende ontwikkelingen die liefhebbers van oldtimers in de gaten houden. Zo werkt de EU aan een herziening van de verordening inzake autowrakken om sloopauto's beter uit het verkeer te halen. Tussendoor deden geruchten de ronde dat Brussel zelfs van plan zou zijn om een gedwongen sloop oude voertuigen – wat gelukkig onzin bleek te zijn. In werkelijkheid wordt alleen de export van sloopauto's bemoeilijkt, wat voor serieuze oldtimerbezitters nauwelijks gevolgen heeft. Daarnaast staan onderwerpen als strengere emissietests bij de APK op de agenda. Zo zouden toekomstige controles bijvoorbeeld nauwkeuriger kunnen meten op deeltjes – maar voor een goed afgestelde oldtimermotor die zelden draait, zou dat ook geen drama moeten zijn. Het motto is: blijf op de hoogte, maar blijf rustig.

      Conclusie: positief naar de toekomst

      Ondanks enige opwinding kunnen oldtimerliefhebbers de discussies met voorzichtig optimisme ontmoeten. De huidige situatie is verheugend: een algemene jaarlijkse APK-plicht voor oldtimers is onwaarschijnlijk geworden en onze geliefde H-kenteken blijft staan voor vrijstelling en erkenning in het verkeer. Natuurlijk blijft waakzaamheid geboden – het spreekt voor zich dat verenigingen en clubs ook in de toekomst in de gaten zullen houden wat regelgevers van plan zijn. Maar de passie voor klassieke voertuigen is een krachtige lobbyist: ze verenigt jong en oud, sleutelende enthousiastelingen en politici van alle gezindten die zich inzetten voor het behoud van de automobielcultuur.

      In die zin: laten we positief blijven. Onze oldtimer blijft ons behouden – met zijn charme, zijn H-kenteken en zijn volgende APK-keuring in het gebruikelijke ritme. En mocht er toch weer een bureaucraat op het idee komen om onze lievelingen extra hindernissen op te leggen, dan staan we klaar – met goede argumenten, een glimlach en indien nodig de verchroomde moersleutel (uiteraard alleen symbolisch!). Want één ding is zeker: oldtimers zijn meer dan alleen oude auto's. Ze zijn geschiedenis op wielen, en die laat je niet zomaar verdrijven – noch om de twee jaar, noch elk jaar. In die zin: een goede reis naar het volgende jaar en veel plezier met jullie klassiekers, zonder extra APK-stress!